Hongerstaking in Merksplas: ‘Hier is het ‘Merdeplas’, een grote maffia’

Vrijdag 16 december 2016 om 18 u, blok 4 van het gesloten centrum van Merksplas (CIM): de gevangenen zijn niet tevreden, ondanks meerdere gesprekken met de directie betreffende de maaltijden, en meer bepaald de avondmaaltijden, om 18 uur, dewelke standaard uit kaas met twee boterhammen bestaan, waarna er niets meer te eten is tot de volgende ochtend.  Enkele gevangenen weigeren nog te eten.

De reactie van het centrum: iemand aanwijzen als verantwoordelijke voor het verzet, hem daarna in isolatie steken en een klimaat van dreiging creëren.  Deze persoon wordt  in isolatie gezet is 35 jaar oud en  lijdt aan diabetes.  Er werd reeds verleden week  gevraagd om een externe dokter op bezoek te laten komen. Volgens zijn medegevangenen is hij met zijn hongerstaking voortgegaan in de isoleersel, hetgeen erg verontrustend is gezien zijn gezondheidstoestand.

een gedetineerde berichtte ons:
“Om 5 uur s’ochtends, hoorden we een geluid.  Ze zijn een man komen halen, 48 uur cel omdat ze zeggen dat hij de hongerstaking georganiseerd heeft.”
“Je kan je niet verdedigen hier, in elk geval zullen ze je niet geloven.  Het enige wat ze zeggen is: dat is het reglement. Standaard wordt er geen geloof gehecht aan jouw verhaal, het is echt overdreven!!”
“Het is hier Merdeplas, een grote maffia.  De directeur en de verantwoordelijke van de afdeling enz.. die doen wat ze willen (ze behandelen ons als afvalzakken’.

Een andere persoon, 31 jaar in België en met  3 Belgische kinderen, zit reeds twee maanden in Merksplas, na 68 maanden gevangenis.  Hij zegt: ‘Het is erg zwaar in Merksplas.  We zitten opgesloten in een bosomgeving, ver van alles, en sommigen onder ons hebben geen enkel misdrijf begaan.   Voor mij en voor anderen ook, is het een tweede bestraffing voor onze zelfde fouten.’.

Een andere persoon heeft een baby van 14 maanden en een vriendin die hem opwacht hier in België.  Nu, soms kan hij tegenover de ganse absurditeit van de situatie, zijn woede niet meer inhouden: ” ik draai hier rond zoals een vis in een bokaal, ik heb niets te doen, en dus denk ik: ik heb mijn zoon nodig, maar ik kan niets doen.  Ik barst dan, en ik huil of ik roep, het is echt zwaar…

This entry was posted in Getuigenissen, Nieuws van de gesloten centra, Strijdverhalen. Bookmark the permalink.